Hoe staat het met de digitale orkestlessenaar?

10 feb 2016

Met de introductie van tablets werd er al in de klassieke muziekwereld al snel geëxperimenteerd met digitale orkestpartituren en -partijen. Ik schreef al eerder over pogingen papieren partituren en partijen te vervangen door tablets en over initiatieven van o.a. SCORA om bladmuziek interactiever te maken.  Die hebben tot nu toe niet geleid tot een overwegend  ‘papierloze’ muziekpraktijk.        

Het Brussels Philharmonisch orkest was een van de eerste orkesten, die hiermee serieus experimenteerden.  Tabletproducent Samsung was hier met behulp van speciaal ontwikkelde software van Neoscores nauw bij betrokken. De Bolero die tijdens de eerste met tablets voorziene lessenaars  werd uitgevoerd was nu niet bepaald een stuk dat het uiterste uit de digitale mogelijkheden haalde. Het is een kort en beproefd stuk,  zodat de orkestleden  waarschijnlijk weinig aantekeningen hoefden te maken.   En vooral de administratie erom heen was ramp. Elk stopcontact was bezet door de apparaten, en je struikelde ook nog eens om de haverklap over alle elektriciteitsdraden.

De indruk bestaat, dat muzikanten  inmiddels in steeds toenemende mate tablets gebruiken, maar dan meer individueel als solist, als muziekdocent of in kleinere ensembles.  In uitvoeringen van populaire muziek is het gebruik van tablets zo lijkt het meer zichtbaar. Een iRealBook met handige transponeeropties  is voor een jazzmuzikant bijna niet meer weg te denken. In de lesprakrijk zie je het gebruik van digitale bladmuziek en andere middelen wel toenemen. De risico’s tijdens uitvoeringen op vastlopende schermen, leeg lopende batterijen , mislukte pageturns maakt dat een tablet nog steeds geen volledig voor de hand liggend optie is.

Partijen binnen de orkestwereld zijn het er echter over eens ,dat geschikte hardware niet het grootste obstakel is op weg naar naar een digitale lessenaarsetting. De grootste uitdaging ligt in het digitaliseren en beschikbaar maken van bladmuziek.  Dat zet tevens de bestaande logistiek en overeenkomsten tussen orkesten en uitgeverijen op zijn kop. De meeste orkestuitvoeringen vinden nog steeds plaats op basis van gehuurd orkestmateriaal. Deze ‘rental only’ uitgaven zijn auteursrechtelijk ondergebracht bij een klein aantal leveranciers. Het is niet ongebruikelijk, dat een Amerikaans orkest bij elke uitvoering  van  hetzelfde muziekwerk steeds vanuit Europa  het orkestmateriaal moet huren, laten opsturen en weer terugzenden.  Voor leveranciers en uitgevers is dit verhuurmodel tevens een bescheiden manier om auteursrechten te beschermen. Net als platenmaatschappijen leveren ook bladmuziekuitgevers een felle strijd tegen ongeoorloofde verspreiding via internet van auteursrechtelijk beschermde bladmuziek.  Het opzetten van een digitale productielijn is daarom voor de leverancierskant een zowel grote technische, logistieke als juridische uitdaging.

Deskundigen zijn het erover eens, dat de overstap van papier naar beeldscherm alleen kan plaatsvinden als die digitale remplaçant ook een zekere meerwaarde biedt. Bladmuziek overzetten naar PDF is daarbij niet voldoende.   Inmiddels wordt er achter de schermen hard gewerkt aan een digitaal model, dat voor alle spelers op het orkesttoneel acceptabel is.   In een eerder artikel haalde ik al  Neoscores en Zikmusic en  SCORA  aan. Zikmusic, SCORA en ook een bedrijf als  NotesNote richten hun aandacht vooral op werkbare schermen. Volgens Brad Cohen, dirigent, uitgever en oprichter van softwarebedrijf  Tido, waar ook muziekuitgeverijen als Edition Peters en Faber Music in deelnemen, is dat niet het voornaamste probleem. De onlangs uitgebrachte iPad Pro is volgens hem al een belangrijke stap voorwaarts. De software die Tido ontwikkelt voor het tonen van bladmuziek moet het mogelijk maken dat je bladmuziek kunt schalen bij het draaien van het scherm van de liggende naar de staande positie, net zoals je dat meestal ziet bij hedendaagse websites. Daarnaast werkt Tido aan een model waarin je makkelijk aantekeningen kunt aanbrengen in de partijen met een stylus en je makkelijk kunt inzoomen op fragmenten en navigeren door de partituur of partijen. Ook het converteren van bladmuziek in bestaand PDF formaat naar een meer interactief formaat moet in de toekomst makkelijker worden.

De eerste producten van Tido zijn vooral educatief van aard. De ‘Piano editions’ uitgaven bevatten video, playback audio, en veel aanwijzingen om pianisten de juiste speeltechniek bij te brengen. Boegbeeld hierbij is de beroemde pianist Lang Lang.

Peter Grimshaw, oprichter van BTM Innovations, het multiplatform voor de bladmuziekindustrie software ontwikkeling geeft aan dat een aantal muziekuitgeverijen al praten over een soort ‘streaming’ abonnement service voor bladmuziek, waar alle partijen baat bij hebben. Binnen een context van een relatief kleine markt is het de vraag of muziekuitgeverijen samen de benodigde investeringen kunnen en willen opbrengen om een kanaal te ontwikkelen á la Spotify met een breed aanbod hoogwaardige digitale bladmuziek voor musici, ensembles, koren en orkesten.

Op een of andere manier zal de wereld van de uitvoeringspraktijk niet ontkomen aan de digitale vooruitgang. Op logistieke kosten kan in ieder geval bespaard worden. Een belangrijke Europese distributeur, cq verhuurder van bladmuziek gaf aan per jaar één miljoen Euro kwijt te zijn aan verzendkosten. Dat houdt in dat de orkesten gezamenlijk hetzelfde bedrag kwijt zijn aan het terugsturen van het gehuurde materiaal.

Deze blog is gebaseerd op een artikel uit Inverse: Can Classical Music Escape Sheet Music? Only If Tablets Can Keep Tempo

Lees ook elders op deze blog:

 

Nieuwe reactie inzenden

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.

Meer informatie over formaatmogelijkheden

CAPTCHA
Deze vraag wordt gebruikt spam-inzendingen te voorkomen. Let op: hoofdlettergevoelig.
Beeld-CAPTCHA
Voer de bovenstaande karakters in.