Erasmus wijkt voor niemand?

18 nov 2015

Het jaar 2016 wordt een Erasmusjaar. Terecht, want in 1516 publiceerde Erasmus het belangrijkste boek uit zijn leven: zijn vertaling van het Nieuwe Testament. Dat wordt groots gevierd. In Rotterdam, in Bazel en ook in Gouda. Daar opent op 6 februari de tentoonstelling “Erasmus: Ik wijk voor niemand”. Ze klinken uitdagend of zelfs arrogant, deze woorden. Bedoelde Erasmus ze ook zo?

Nee. Deze woorden horen namelijk niet bij Erasmus, maar bij Terminus. Wie? Terminus. De Romeinse 'god' van de grens. Zijn naam klinkt nog door in ons woord termijn. Ook inhoudelijk is termijn met Terminus verbonden. Een termijn is immers een periode met een uiterste datum, een grens in de tijd. En in het Frans betekent terminus eindpunt, dus een grens in de ruimte.

Terminus staat ook symbool voor een grens waarmee we allemaal één keer in ons leven te maken krijgt: de laatste grens voor iedereen, de dood. All things must pass, zingt George Harrison. Nothing lasts, heet het bij Steve Miller. Daar is geen ontsnappen aan. De dood is onontkoombaar. Als enige kan de dood zeggen: Ik wijk voor niemand.

Dit is wat Erasmus wilde zeggen toen hij Terminus als logo adopteerde met diens lijfspreuk Cedo nulli. Deze lijfspreuk is als het ware een variant op het middeleeuwse adagium Memento mori : Bedenk dat je sterfelijk bent. De Romeinse dichter Horatius verwoordde dezelfde gedachte veel positiever: Pluk vandaag en vertrouw zo min mogelijk op morgen.

Hoe werd Terminus het logo van Erasmus? Door een foutje. Erasmus was een tijdje de privéleraar van Alexander Stewart, zoon van de Schotse koning Jacobus IV. Bij hun afscheid schonk Alexander aan Erasmus een zegelring. Op de ring stond een figuur afgebeeld. Erasmus liet de ring aan een kennis zien. Die vertelde hem dat de figuur Terminus voorstelde.

Dat klopte niet. We weten dit, omdat Erasmus’ ring nog steeds bestaat. Hij ligt opgeborgen in Bazel in het Historisches Museum. De afgebeelde figuur op de ring blijkt niet Terminus te zijn, maar de Griekse god van de wijn, Dionysus. Uitgerekend iemand die in zekere zin symbool staat voor grenzeloosheid, voor extase, voor het tegendeel van bezinning.

Erasmus kreeg trouwens al snel kritiek op het motto "Ik wijk voor niemand." Inderdaad vonden sommigen ook destijds al, dat deze woorden getuigen van bluf en arrogantie. Iedereen die nu de poster van de Goudse tentoonstelling onder ogen krijgt en de achtergrond van deze woorden niet kent, zal iets vergelijkbaars denken.

Waarschijnlijk wil Museum Gouda ons op deze manier prikkelen. Wie iets weet van Erasmus, hoe weinig ook, zal hem niet met arrogantie en bravoure associëren. Dat maakt dus nieuwsgierig naar de tentoonstelling. Die legt ongetwijfeld de context uit. Zoals ik nu net heb gedaan. Maar Gouda zal het grootser doen—en tegen betaling.

 

Nieuwe reactie inzenden

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.

Meer informatie over formaatmogelijkheden

CAPTCHA
Deze vraag wordt gebruikt spam-inzendingen te voorkomen. Let op: hoofdlettergevoelig.
Beeld-CAPTCHA
Voer de bovenstaande karakters in.